Shalom from Holland

Speciaal voor de fansite vertelt Simon Hammelburg over de totstandkoming van dit bijzondere project:

Medio januari 1991

Duidelijk is dat een militaire ‘alliantie’, onder aanvoering van Amerika, Koeweit gaat bevrijden van de recente bezetting door het Irak van Sadam Hoessein. Irak dreigt – in geval van oorlog – SCUD-raketten af te vuren op Israël. Twee zaken zijn duidelijk; er komt oorlog en Irak zal Israël bestoken. Met wat? Er gaan geruchten over raketten met een chemische of nucleaire lading. De telefoon gaat. Cineast Floris Sijbesma (1950-2004) spreekt mij toe: “We moeten wat doen voor Israël.” “Maar wat?” vraag ik hem. “Er naartoe gaan heeft geen zin, optreden in theaters evenmin want de bevolking blijft in de buurt van schuilkelders.” “Verzin maar wat,” zegt Floris op de vastberaden toon die ik van hem gewend ben. “Over twintig minuten ben ik bij je en dan verwacht ik een uitgewerkt plan.”

In het donker van de avond loop ik naar mijn kantoor waar het nieuws via verschillende televisies binnenkomt. In de gauwigheid schrijf ik drie scenario’s met, zoals dit een journalist en muziekproducent betaamt, een alinea over de haalbaarheid en natuurlijk een begroting. Twee zijn niet haalbaar. De derde – een videoclip voor de Israëlische bevolking – is onbetaalbaar. Het zou vele tonnen gaan kosten. Precies twintig minuten later komt Floris binnen. “We gaan die clip maken,” zegt hij resoluut.

 Klipstein & Hammelburg – Israël (Concert voor Beth Halochem 1983) Unieke live-opname met Lenny Kuhr.

Wij besluiten een oud succesliedje (‘Israël’) van Klipstein & Hammelburg te bewerken en daar een groot aantal Nederlandse en buitenlandse vocalisten en andere muzikanten aan mee te laten werken. Over de kosten praten wij niet. Floris belt Ralph Inbar, die eveneens in 2004 overleed. Ralph nodigt ons uit om de volgende ochtend vroeg een plan uit te werken en te implementeren in zijn kantoortje bij de TROS. Ron Klipstein komt ook.

Ralph tekent het ‘eindshot’. Het vertrouwde pijpje in zijn mond. Een menselijke davidsster, gevormd door de bevolking van Volendam, met witte en blauwe tulpen; de kleuren van de Israëlische vlag. Daarna gaan wij telefoneren. Lenny Kuhr doet mee en zal haar vakgenoten bellen.

Ted de Braak, Daniël Wayenberg vliegt op eigen kosten heen en weer. Hij is op tournee in Parijs. Liesbeth List zit op Ameland maar wordt door een verkeersvlieger van Air Holland – in zijn vrije tijd, in een geleend vliegtuigje – naar het vliegveldje bij Hilversum gevlogen.

Phonogram zegt een grote opnamestudio toe, Ruud Bos heeft aan één woord genoeg. Hij schrijft de arrangementen en komt met een groot orkest, cameralieden doen toezeggingen, een groot facilitair bedrijf, Adèle Bloemendaal komt met haar ex-echtgenoot Donald Jones. En zo vele anderen uit binnen- en buitenland. Alles zit mee. Of toch niet?Wanneer de hele trein in beweging is word ik laat in de avond gebeld door Floris, die totaal overstuur is. Hij bezocht met Chiel van Praag een artiestengala. Daar werd stemming gemaakt om de clip te boycotten. “Schrijf het maar op je buik,” briest Floris gefrustreerd. Chiel is het met hem eens. “De hele kliek is tegen,” legt hij uit. “En er is besloten tot een absolute boycot. Waren zij in de oorlog maar zo principieel geweest. Gangmakers? André Hazes (‘laat die joden het zelf uitzoeken’) , Ron Brandsteder (‘veel te politiek getint’), Lee Towers, Anita Meyer, Gerard Joling. Noem maar op.” Mijn reactie is koel. “Maken zij de dienst uit of wij? We spreken elkaar morgen wel weer.” Floris en Chiel zien er niets meer in. Phonogram-directeur Jan Corduwener is razend. Hij gaat artiesten erop aanspreken. De collega’s die al hebben toegezegd gaan extra hard hun best doen. Jaap Dekker belt Harry Sacksioni, die belt Thijs van Leer; het balletje begint weer te rollen. Moderne en klassieke musici melden zich aan. Tot de dag waarop de clip wordt opgenomen in de Wisseloord Studio in Hilversum.

Ruud Bos is met zijn orkestleden vroeg en goed voorbereid van de partij. Het complex wordt zwaar bewaakt door de Hilversumse gemeentepolitie en een vrijwillige particuliere bewakingsdienst. Er is een strak tijdschema afgesproken met de solisten die beurtelings een stukje gaan inzingen. Meteen aan het begin gaat het mis. Willeke Alberti, die de eerste zinnen zou zingen, laat zonder bericht verstek gaan. In haar voetsporen treden Jaap van Zweden, Alice Maywood, Marco Bakker, Piet Veerman, Annie Schilder en nog een paar vocalisten die ja hadden gezegd om van het gezeur af te zijn maar ‘tegen’ waren. Het resultaat wordt er niet minder door. Lenny Kuhr zingt moeiteloos de eerste regels en neemt met haar dochter Sharon later deel aan het vijfstemmige slotstuk.

Maggie Macneal, Ben kramer (met ondersteuning) overtreffen zichzelf met een prachtig, harmonieus samenzang, alle anderen improviseren miraculeus, Daniël Wayenberg schittert, Thijs van Leer fluit door het gehele stuk dat wordt besloten door alle vocalisten en een kinderkoor. Om twee uur ’s nachts vertrekt de laatste solist, met een bos bloemen, spontaan ter beschikking gesteld door een bloemenkweker uit Aalsmeer. Het monteren van beeld en geluid kan beginnen. In de vroege ochtend is de geluidsband gemonteerd. Wij gaan meteen door naar Volendam, waar de bevolking zich heeft opgesteld in de vorm van een davidsster. In een weiland met een molen op de achtergrond. De politie heeft de omgeving afgezet. Het is ijskoud. Floris neemt plaats in een enorme kraan van Holland Equipment die hem – met camera – naar twintig meter hoogte zal tillen. De blauwbekkende bevolking van Volendam moet naar hem zwaaien met blauwe en witte tulpen. Dan zakt de kraan langzaam voor het laatste shot van de clip. Zoals Ralph het heeft bedacht.

Het moet een keer of tien over. Daarna wordt een versteende Floris uit zijn benarde positie bevrijd en mag de Volendamse bevolking, in een locale kantine, aan de warme chocolademelk. Wij gaan door naar een video-montagestudio in de buurt van Utrecht. Productieassistente José van der Mark en montagetechnicus Henri Hekman hebben de bruikbare stukken beeldmateriaal inmiddels uitgezocht. Er wordt een middag, avond en nacht doorgewerkt. Dan zijn Floris, Ralph, Ron, Henri en ik ‘tevreden’. Langer doorwerken kan jammer genoeg niet. Er wachten betalende klanten. De afgemonteerde clip wordt door Ralph bij de Nederlandse omroepen afgeleverd en door een chauffeur bij een gezagvoerder van El Al, die in het bezit is van een document van ambassadeur Bavly. De piloot zal de band – na aankomst in Tel Aviv – naar de Israëlische omroepen in Jeruzalem brengen. ’s Middags zijn wij te gast bij ambassadeur Bavly die na het bekijken van de clip in tranen uitbarst. Wij (de meeste medewerkers) gaan naar huis, nadat wij de ambassade hebben voorzien van een bedankbrief en alle adressen van de honderden medewerkers.

Thuis besluit ik om – na vijf slapenloze nachten – even te gaan rusten maar dat lukt niet. ‘Als die Israëlische gezagvoerder nu eens niet met die band door de douane komt,’ flitst het door mijn hoofd. ‘Het is immers oorlog.’ Wij bellen het bedrijf dat satellietverbindingen voor de omroep verzorgt. Die verbindingen zijn duur. Een medewerker begrijpt de zaak meteen en zegt toe dat hij de clip wel ‘tussendoor’ naar Israel kan seinen en de rekening kan laten verdwijnen. De veel te vroeg overleden Patric Heertje bezorgt de band. Kort daarna is de clip vrijwel meteen op de Israëlische radio en televisie. De band die de El Al gezagvoerder meenam werd bij aankomst in Tel Aviv door de douane in beslag genomen en ligt daar waarschijnlijk nog.

Ik probeer weer even te slapen. De AVRO belt. Willem Duys wil de muziekband van de clip en een uitvoerig gesprek in zijn populaire radioprogramma Muziekmozaïek. “Als het voor Israel is wijkt alles,” stelt hij. Zelfs de platenpluggers gaan hiermee akkoord. Meteen na de uitzending schalt het lied doorlopend overal op de radio. Na een stuk in het NOS Journaal volgt ook de televisie, met uitzondering van de ‘linkse’ omroepen. ‘Shalom from Holland’ heeft het gemaakt, dankzij Lenny en haar collega’s en de honderden medewerkers voor en achter de schermen.

De videoclip werd een hit in Israel en Nederland en – na vertoning op CNN en andere grote nieuwszenders – in de westerse wereld. De opbrengst ervan werd gebruikt om huizen in Israël te herbouwen die door Irakese raketinslagen waren beschadigd of vernietigd.

Lenny, Simon Hammelburg en Ron Klipstein werden twee keer in Israël uitgenodigd om op te treden met hun Israëlische collega’s en voor een ontmoeting met de schrijvers van de bedankclip ‘It’s Good to Know’ (beeldschoon nummer), Ehud Manor en Kobi Oshrat.

De ‘moederband’ van ‘Shalom from Holland’ kreeg een plaats in het gebouw van het Israëlische parlement. Namens de makers ontvingen Lenny, Simon, Ralph en Ron een onderscheiding uit handen van de voorzitter.

Lenny Kuhr en gezagvoerder Pim Sierks begroeten de Nederlandse militairen die terugkwamen uit Israel. Als herinnering aan hun tijd in dit land ontvingen alle soldaten een cassettebandje met het lied ‘Shalom from Holland’.

Met vriendelijke dank aan Simon Hammelburg voor het delen van zijn persoonlijke verhaal, de foto’s, documenten, audio én de video-clips van ‘Shalom from Holland’ en ‘It’s Good To Know’. Hieronder nog enkele scans uit zijn archief:

One thought on “Shalom from Holland

  1. Pingback: Ron Klipstein overleden | Simon Hammelburg

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s